Vuur en vergetelheid: geld in de fik herinnerd
Londen, 1996. De meest druilerige novemberavond van het decennium.
Frank Vandenbroucke, voormalig voorzitter van de Belgische socialistische partij, heeft net een lezing gegeven aan de London School of Economics, over Europese monetaire integratie.
In de vertrekruimte van Waterloo International wacht hij op de trein terug naar Brussel.
De krantenkoppen over de vermeende verbranding van het partijgeld zijn eindelijk aan het uitdoven. Hij snuift verongelijkt bladerend door The Guardian.
In werkelijkheid is dat geld nooit verbrand.
"Zijn deze zetels bezet?"
Vandenbroucke kijkt op. Voor hem twee mannen, één in een versleten maatpak en één in een versleten leren jas, de geur van sigaretten en een vleugje anarchie. Hij herkent ze vaag. Een aan lager wal geraakte arthouse regisseur en zijn verwaande wannabe-boekhouder, dacht hij, maar dewelke..?
"Bill Drummond." Het tweedehands pak steekt zijn hand uit. "En dit is Jimmy Cauty."
"Frank Vandenbroucke," antwoordt hij, ondertussen stevig handen schuddend. "The KLF! De band?"
"K Foundation eigenlijk, kunstenaarsduo," corrigeert Bill terwijl ze gaan zitten. "De muziek hebben we opgegeven."
"Jullie zijn die twee die een miljoen pond hebben verbrand," realiseert Vandenbroucke zich plotseling.
Jimmy glimlacht. "En jij bent de politicus die zei: 'Steek dat geld in brand', toch?"
Vandenbroucke verstijft. "Hoe weten jullie dat?"
"Het stond in de krant! De Belgische minister die smeergeld wilde verbranden. We dachten, deze man begrijpt ons."
"Dat klopt niet," mompelt Vandenbroucke geïrriteerd. "Ik heb iets impulsief gezegd toen ik verdacht cash geld ontdekte in de kluis van de partij, maar mijn suggestie is niet opgevolgd. Er is geen geld verbrand."
"Jammer, wij hebben het wel echt gedaan."
Een gespannen stilte valt. In de verte klinken kniersende treinsporen alsof ze vechtende marters uit elkaar moeten martelen, het geluid van metaal dat niet langer zwijgen kan, weerkaatst tegen de glazen daken en koepels van het treinstation. De spanning is een beetje overroepen.
"Waarom hebben jullie het gedaan?" vraagt Vandenbroucke uiteindelijk. "Een miljoen pond... dat is waanzin."
Bill haalt zijn schouders op. "We vinden nog elke dag nieuwe redenen.*"
Jimmy buigt voorover: "Gisteren bedacht ik de beste reden tot nu toe. Ik met mijn kids naar Top of the Pops en Michael Jackson's video kwam voorbij. Ik besefte plots: we hebben het verbrand omdat we nooit zo getalenteerd zullen zijn als Michael.*"
Vandenbroucke fronst. "Is dat jullie echte reden?"
"Sommige dagen wel. We hebben geen definitieve reden. We hadden het geld kunnen gebruiken, we wilden het hebben, maar meer nog wilden we het verbranden.*"
"Wat voelden jullie dan toen je het zag branden?"
"Niets," antwoordt Bill. "Je moet op automatische piloot staan om zoiets te doen. Als je nadenkt over elk bundeltje van 50 pond... we moesten steeds meer bundels tegelijk op het vuur gooien omdat het anders te lang zou duren. We wilden terug naar het hotel en slapen.*"
Vandenbroucke’s decappuccino is in 1996 nog niet uitgevonden, maar zijn Londense americano is er wel al.
Hij snakt naar een licht toetsje stevia maar het zal nog tot 2011 duren eer Europa de verkoop daarvan zal regulariseren, en illegale stevia kan hij zich niet permitteren.
Zonder zoet roert hij verder.
Deze ontmoeting komt te laat in zijn leven, en hij weet niet of hij daar wel of niet treurig om moet zijn.
"Mensen," spreekt hij langzaam, "denken nog steeds dat ik geld heb verbrand. Het is een mythe geworden. Bankiers zeggen er nu tegen hun klanten dat geld 'staatseigendom' is waar je voorzichtig mee moet zijn, tenzij je minister bent, dan mag je er stapels van verbranden voor de camera's. Dat staan ze te verkondigen aan de loketten van de banken! Maar er is niets van waar."
Jimmy hangt filosofisch comfortabel in zijn transitzetel: "In China verbranden mensen al eeuwenlang 'geestengeld', tijdens het Qingming Festival. Ze geloven dat het geld dan naar het hiernamaals gaat, waar hun voorouders het kunnen gebruiken om onderwereldambtenaren om te kopen en sneller door het bureaucratische proces van het hiernamaals te komen. Of gewoon om een jacuzzi te kopen."
"Dat is ook wat wij in interviews verkondigden," voegt Bill toe. "Dat het geld naar de grote hemelbank is gegaan. Na onze dood, zal er een miljoen pond op ons wachten in de hemel, met rente. Gisteren dacht ik dat we dat miljoen verbrandden omdat het hiernamaals niet bestaat. Vandaag denk ik dat we het verbrandden omdat het hiernamaals het enige is dat wél bestaat."
De blik van de voormalige partijvoorzitter verduistert. "In België blijft de eeuwige vraag: 'Waar zijn die vijf miljoen frank, Frank?' Alsof ik ze in mijn zak heb gestoken."
"Jouw geldverbranding was fictief maar wordt 'herinnerd'," zegt Bill. "De onze was echt maar wordt altijd in twijfel getrokken. Dat vind ik fascinerend."
"Zou je het opnieuw doen?"
Bill aarzelt niet: "Absoluut! Het is het beste wat we ooit hebben gedaan. Ons verbrand miljoen pond sterling leeft voort in het collectieve bewustzijn. Als kunst kan het niet beter."
Vandenbroucke knikt langzaam. "Misschien hadden wij het ook wel moeten verbranden. Een schone breuk. Een zuivering door vuur."
Hij glimlacht voor het eerst maar zijn glimlach loopt meteen vast, alsof zijn aanwezigheid buffert. In de verte klinkt de omroep voor de Eurostar naar Brussel, hij schudt zijn wangen los en concludeert wijs maar verward: "Enfin, bon, soit, soms lijkt de herinnering aan geld waardevoller dan het geld zelf."
\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_\_
Hoewel kranten in 2002 expliciet berichtten dat het Agusta-smeergeld uit de brandkast nooit verbrand is, blijft de collectieve overtuiging dat er miljoenen in vlammen opgingen. Dit contrasteert sterk met de geldverbranding door The KLF, die wel degelijk plaatsvond, met video-opnames als bewijs. Beide geldverbrandingen, echt of ingebeeld, hebben hun plek in ons collectief geheugen veroverd - herinneringen aan momenten waarop de rituele vernietiging van rijkdom, zoals in eeuwenoude Chinese tradities, plots opdook in de westerse cultuur.
Deze tekst is in mei 2025 geschreven in opdracht van Murf/Murw zine (Tilburg, NL) voor het themanummer over het Mandela-effect.
\* Bron: Why did The K Foundation burn a million quid? Interview with Gay Byrne: The Late Late Show, 1995
